Hierbij weer een verslagje van wat bijzondere klussen tijdens ons ambulancediensten
Op 1 maart krijgt Erik een particuliere rit, een hoogzwangere hond moet met spoed naar de dierenarts. Erik mag als kraamhulp bij de keizersnede helpen, geen alledaags klusje dus.

Op 5 maart gaan we naar de Poortweg in Ter Apel voor een chipcontrole bij een gevonden poes die er al enige tijd rondloopt en zich daar kennelijk prima thuis voelt. De vindster geeft aan dat de poes wel mag blijven tot de eigenaar bekend is. Ze blijkt inderdaad gechipt, via het bijbehorende telefoonnummer horen we echter dat de kat het niet fijn vind op het nieuwe adres en steeds terug loopt. Zij vindt het prima als de vinder de kat wil houden. Deze heeft dus een nieuwe huisgenoot.

Op 27 maart rijden we naar de Havenkade in Musselkanaal. In het portiek van een senioren-complex ligt een ziek diertje. Bij aankomst blijkt het een steenmarter, die er niet goed aan toe is. Hij kan zo gepakt, natuurlijk wel met “kattenhandschoen”, en in een dwangkooitje gestopt worden. We gaan ermee naar de dierenarts die het diertje helaas in moet laten slapen, het is te ziek/verzwakt.

De 28e krijgen we een telefoontje van Ron, onze collega-chauffeur. Hij heeft een onbekend dood dier gevonden en meegenomen naar zijn huis. Het lijkt het meest op een “super-cavia”, maar heeft een lange staart. Het blijkt om een Muskusrat te gaan; die kenden we tot nu toe echter alleen in ingevroren staat. We hebben ze gezien bij Faunavisie, waar ze het vlees gebruiken om roofvogels te voeren. Zij krijgen ze van muskusrattenvangers van het waterschap.

Op 2 april krijgen we een melding van een dode zwaan op de weg van Buinerveen naar Buinen. De hele omgeving afgezocht maar niets gevonden. Wel zit er nog een vrouwtjes-zwaan op eieren op een groot nest vlakbij de afslag Buinerveen van de N374. We vrezen dat het haar partner is geweest, die vermoedelijk al door iemand anders is afgevoerd. Besluiten haar komende tijd extra in de gaten te houden om te zien of ze het wel redt alleen met het broeden en de jongen. Herinneren ons dat vorig jaar het nest vernield was door één of andere idioot die er een verkeersbord op gegooid had.

Op 10 april moeten we met spoed naar een houthandel, op het terrein zou een reebok lopen die redelijk in paniek is en bijna de showroom verbouwt. Bij aankomst blijkt het dier echter al een uitweg te hebben gevonden via een openstaand hek aan de achterkant. Gelukkig maar, want het is geen makkie zo’n dier te vangen. Je vraagt je alleen af wat ie te zoeken heeft in een industriegebied.

De 11e krijgen we een melding van een zwaan die op de weg zit tussen politiebureau en Geert Teis-theater. Bij aankomst blijkt zij inderdaad het verkeer te regelen of liever gezegd ontregelen. Gré maakt een omtrekkende beweging en ik probeer haar (de zwaan dus) voorzichtig met de auto richting het water te loodsen. Madame is het daar beslist niet mee eens en weet tot twee keer toe te ontsnappen. Als we haar uiteindelijk in een hoek hebben gedreven bij het theater blijkt ze prima te kunnen vliegen en gaat ze terug naar het politiebureau. Als ze daar echter het water in gaat wordt ze onmiddellijk opgejaagd door een mannetjeszwaan, die met zijn partner een nest heeft bij het Ubbo Emmius. Hij dreigt haar letterlijk te verzuipen, maar gelukkig vlucht ze een hoek in waar ik haar net kan pakken. We nemen haar mee in onze zwanentas om haar, na controle, elders weer uit te zetten. We controleren nog de ringnummers, ook van de nest-bewoners en geven deze nummers door aan het Vogeltrekstation Arnhem.
In april gaan we een aantal keren naar het COA in Ter Apel voor een moederpoes met jongen. Ze zou met de jongen in een doos zitten. Bij aankomst blijkt de doos buiten te staan en moederpoes is gelijk pleite. We nemen de jongen mee, maar na overleg op Ter Marse gaan we met jongen en een vangkooi terug naar het COA. We leggen de jongen op een speciale warmteplaat in een beschut nestje achterin de vangkooi en zetten deze op de plaats van de doos. Medewerkers van het COA zullen de boel in de gaten houden en ons waar-schuwen als ze er in zit. Als we na een paar uur nog niets gehoord hebben, gaan we er maar weer heen. De kittens blijken uit de kooi gehaald door asielzoekers en weer in de doos op het grasveld te liggen. We nemen alles mee en gaan met de kittens naar het asiel. De bewoners van het COA hebben dit gedaan omdat ze bang zijn dat we de dieren in laten slapen, ook al hebben we ons best gedaan om via een tolk uit te leggen dat dit alleen gebeurt als ze zwaar ziek zijn. Veel katten die bij het COA rondlopen hebben helaas kattenaids.

Op 1 mei hebben we weer een “speciaaltje”. In de vijver achter het gemeentehuis van Stadskanaal zit een moedereend met 11 pulletjes. De vijverrand is echter veel te hoog voor de eendenkuikens om uit het water te komen. Medewerkers van de gemeente hebben al van pallets een soort trap gemaakt, maar in een hoek bij de weg, terwijl moeder eend op een eilandje haar nest heeft. Zij komt moeiteloos de kant op maar de kleintjes lukt dat niet. Als niet wordt ingegrepen zullen deze verdrinken omdat ze nog geen waterdicht verenpak hebben. We maken eerst een (met touw omwikkelde) loopplank, die gedeeltelijk onder water steekt, aan de pallets vast en proberen moeder en pullen die kant op te drijven; ze zwemmen er echter steeds langs. Ik haal bij het asiel een waadbroek op en onze collega-chauffeur Natalia, die in deze broek past. Natalia neemt het vlot mee naar het eiland en knoopt het daar vast. Ook nu maken de pulletjes helaas geen gebruik van deze mooie loopbrug. Uiteindelijk besluiten we ze dan maar te vangen, omdat er in de vijver toch ook te weinig voedsel voor ze is. Natalia waadt de hele vijver door met een schepnet en ik loop met een net aan een telescoopstok de vijver rond. Na enige tijd slagen we er in ze in een hoek te drijven en zien kans 10 van de 11 kuikens op te scheppen. We stoppen ze in een mandje en maken jacht op de laatste. Ook dit lukt en we nemen ze mee naar de grote plas tegenover de vijver. Moedereend is hier ook al naar toe gevlogen. Één voor één laten we de pulletjes te water en die snellen direct richting moeder; HOERA, missie geslaagd! Ook brengen we nog een bezoekje aan Runners Stadskanaal, waar we een gift van € 314,50 voor Dierentehuis Ter Marse in ontvangst mogen nemen, de opbrengst van de Huisman Warmtetechniek Triangel Marathon.

Op 3 mei kunnen we ’s middags weer naar de gemeentevijver, deze keer voor een eend met 5 pullen. We hebben geen dienst, maar Erik is al bezig met een klus. Halen met onze privé-auto Natalia, waadbroek en netten op en gaan weer op jacht. Hans komt met de tweede ambulance en waadbroek ook te hulp en deze keer hebben we beduidend minder tijd nodig om ook deze eenden-familie over te brengen naar de grote plas.

Op de 16e krijgen we melding van een nest vogeltjes in een schakelkast aan de Onstwedderweg. Het blijkt om een nest met 14 koolmeesjes te gaan in een beluchtingspaal van de riolering. Voorzichtig plukken we ze er uit, doen ze in een mandje en brengen ze naar Dierenambulance Groningen. Zij zullen ze doorbrengen naar Faunavisie in Westernieland. De volgende dag krijgen we van dezelfde storingsmonteur eenzelfde melding, maar nu van een paal op het viaduct N374/ DrentseMondenweg. We hebben geen dienst, maar zijn toevallig op Ter Marse voor een vergadering. Gaan dus die kant op en als we met veel moeite naar boven zijn geklauterd laten we de monteur de paal voorzichtig openmaken. De jonge koolmeesjes vliegen ons om de oren en koersen gelijk richting kwetterende ouders in de bomen achter ons. In de paal zit een nestkolom van wel 30 cm mos en grasjes.

Wel tot zover maar weer, tot de volgende Nieuwsbrief!

Ton Gré Reitsma

Dier in de spotlight

Drukke maar lieve hond zoekt warme mand

Lees verder ...

Nieuwsbrief

Wilt u graag op de hoogte blijven van alle ontwikkelingen binnen Dierentehuis Ter Marse, schrijf u dan nu in en ontvang elk kwartaal automatisch onze nieuwsbrief

Mede mogelijk gemaakt door...